Hij rechtte zijn rug, nam nog één keer diep adem, spreidde rustig zijn handen op de tafel, en zo begon hij eraan. Meer dan vijf uur lang richtte Marco Borsato het woord tot de rechtbank in Utrecht. Onze reporter – op de eerste rij – was erbij en zag een man die doodsbang was om een scheef woord te zeggen, en die, naarmate de dag vorderde, als een pudding in elkaar stuikte. “Je keek naar hem en je dacht: hoe is het tot dit punt kunnen komen?”